Naar aanleiding van de aankomende kinderboekenweek voerde ik al een aantal creatieve gesprekken om het thema Voor Altijd Jong te verkennen. Van groep 1 t/m 8 komen er leuke gesprekken uit:

Mijn eerste vragen waren  steeds:

“Hebben jullie nog oma’s?”

Bijna alle kinderen steken hun vingers omhoog.

“Hebben jullie nog opa’s?”

Weer bijna alle vingers omhoog. Helaas kan ik hier zelf geen enkele vinger meer opsteken…

Hier en daar hoor ik gelijk al kinderen over hun oma en opa vertellen tegen de kinderen naast zich. Dat is nu even niet de bedoeling. Ik wil wat anders van de kinderen weten:

“Hoe kan ik oma worden?”

“Dan moet je eerst nep tanden krijgen juf.”

“Nep tanden, je bedoelt zo’n gebit dat je uit je mond kunt halen? Een kunstgebit?”

“Ja”

“En oma’s hebben die?”

“Ja, want eerst heb je melktanden en dan grote-mensen-tanden en als die er uitvallen krijg je nep tanden.”

“Oh, maar waarom vallen de tanden die ik nu heb er dan uit?”

“Omdat je oud wordt.”

“Hebben alle oma’s dan een kunstgebit?”

“Ja.”

155-gebit-oma-voor-altijd-jong-onderzoekend-leren-en-ontwerpend-leren


“Hoe kan ik oma worden?”

“Dan moet je heel lang wachten juf.”

“Wachten, hoezo?”

“Je moet eerst oud worden, anders kun je geen oma zijn.”

“Oh, kan ik niet NU oma worden?”

“Nee”

“En moet ik nog wat anders doen om oma te worden?”

“Nee, alleen wachten. Of je moet je haar grijs verven.”


“Hoe kan ik oma worden?”

“Dan heb je eerst kinderen nodig.”

“Kinderen nodig? Maar jullie zijn toch kinderen, kunnen jullie van mij een oma maken?”

“Nee, je moet eigen kinderen hebben en die moeten dan ook kinderen krijgen. Als je kinderen kinderen hebben kunnen ze je oma noemen!”

“En dan ben ik het ook?”

“Ja!”

“Kunnen jullie mij nu niet al oma noemen?”

“Dan ben je Juf oma.”


“Wat is er anders als je ouder wordt?”

“Dan vind je de achtbaan niet meer leuk.”

“De achtbaan? Leg eens uit.”

“Mijn  opa wil niet meer in de achtbaan.”

“Vroeger wel?”

“Hij zegt van wel.”

“Waarom zou dat zijn dan?”

“Ik denk omdat hij er niet meer tegen kan. Misschien gaat hij dan kapot.”

“Kapot?”

“Ja, het is net als met een fiets van 60 jaar, die doet het ook niet meer zo goed als een nieuwe fiets.”

“Een fiets kan je vaak nog wel repareren, hoe zit dat met een lichaam dan?”

“Dat kan ook nog wel een beetje. Je kunt een nieuw hart krijgen bijvoorbeeld.”

“Via een transplantatie bedoel je?”

“Ja, maar ik weet niet of je die zomaar kan krijgen als je al 80 bent bijvoorbeeld.”

“Hoezo niet?”

“Er zijn ook mensen van 30 die misschien dat hart nodig hebben.”

“Eén hart en twee mensen die het nodig hebben bedoel je? Dat klinkt als een ingewikkeld probleem.”

“Ja, wie geef je dat hart dan?”


“Wat is er anders als je ouder wordt?”

“Mijn opa en oma hoeven niet meer naar school!”

“Lijkt je dat fijn?”

“Ja!”

“Zouden opa’s en oma’s nog naar school kunnen?”

“Ja, ze kunnen kiezen. Ik niet, want er is leerplicht.”


“Wat is er anders als je ouder wordt?”

“Je vindt minder dingen leuk om te doen.”

“Hoe bedoel je dat?”

“Je hebt al zoveel gedaan en meegemaakt dat bijna niks meer nieuw is. Dat lijkt mij best saai.”

“Wat zou je dan wel doen?”

“Dat weet ik niet zo goed. Je hebt dan wel veel geld.”

“Veel geld?”

“Ja, je krijgt toch gewoon je pensioen?”

“Krijg je dat gewoon?”

“Zeker. Dan mag je stoppen met werken en krijg je ineens gewoon geld.”

155-oma-voor-altijd-jong-onderzoekend-leren-en-ontwerpend-leren


“Was het vroeger anders?”

“Ja.”

“Wat was er anders dan?”

“Ik denk dat mijn oma niet zoveel buitenspeelde.”

“Waarom denk je dat?”

“Omdat ze toen net televisie hadden en daarom zat ze de hele tijd binnen. Het was wel zwart/wit, maar dat vond ze niet erg.”


“Was het vroeger anders?”

“Ja, ze waren toen heel zielig.”

“Waarom waren ze zielig?”

“Omdat ze bijna geen speelgoed hadden.”

“Dan ben ik wel benieuwd: vind jij dat idee zielig of vonden jouw opa en oma zichzelf vroeger al zielig?”

“Eh… Ik denk dat ik het zielig vind.”

“Waarom vonden jouw opa en oma zichzelf niet zielig dan?”

“Omdat je niet iets kan missen wat nog niet bestaat.”


Lees meer:

Ja, handig!

Ontvang elke week een inspirerend lesidee in de nieuwsbrief