Gelukkig hebben we daarvoor de parkeerplaats voor vragen. Ik vind het heerlijk om veel aandacht voor vragen te hebben.

(Maar die aandacht moet natuurlijk wel zoveel mogelijk in het rooster passen als het even kan)

Lees hier een paar voorbeelden van de parkeerplaats in werking.

“Juf, ga jij graag op vakantie?”

“Ja, ik vind het wel fijn om op vakantie te gaan.”

“Hoe komt dat dan?”

“Dat is een interessante vraag! Waarom vinden mensen het leuk om op vakantie te gaan? Zelf vind ik het wel leuk om af en toe even op een andere plek te zijn.”

“Wat is daar dan leuk aan?”

“Zeg was jij niet eigenlijk met je taakwerk bezig?”

“Eh, ja.”

“Zullen we deze vraag dan even parkeren? Want hij is wel interessant.”

“Oké.”

“Hang hem maar bij de onderzoeksvragen.”

—-

“Heb jij je spelling al af?”

“Bijna, maar ik weet vraag vier niet.”

“Welke vraag was dat?”

“Die met die plaatjes. Ik denk dat dit plaatje een pannenkoek is. Maar ik weet niet hoe je dat schrijft. Weet jij dat?”

“Volgens mij pannekoek.”

“Weet je het zeker? Pannenkoek dacht ik namelijk.”

“Zouden alle grote mensen eigenlijk wel weten hoe je dat woord schrijft?”

“Geen idee. Ik denk dat veel mensen het ook niet weten hoor.”

“Is pannenkoek dan een moeilijk woord?”

133 1 onderzoeksvragen wetenschap en techniek onderwijs

“Dames, lukt het met spelling?”

“Niet helemaal. Juf denk jij dat grote mensen pannenkoek een moeilijk woord vinden?”

“Geen idee, maar dat kun je vast onderzoeken.”

“JA, mag dat?!”

“Schrijf je vraag maar op voor de parkeerplaats, dan mogen jullie later vandaag of morgen even nadenken over hoe we dat gaan aanpakken.”

“Juf, hoe heb jij leren fietsen?”

“Eh, dat weet ik echt niet meer.”

“Nee, ik eigenlijk ook niet, dat vind ik wel raar.”

“Wat is daar raar aan?”

133 onderzoeksvragen wetenschap en techniek onderwijs

“Ik heb het ook al aan Joep en Mehmet gevraagd en aan mijn hele tafel groepje en alleen Daphne zegt dat ze het nog weet. Maar ik weet niet of ik haar geloof. Ze zegt dat ze een soort vest had met een handvat op haar rug, dan kon haar vader meerennen en haar daaraan vasthouden voor als ze omviel. Maar dat ik ook raar.”

“Nou Tim, ik kan je vertellen dat die vesten echt bestaan…”

“ECHT?”

“Ja”

“Oh, maar toch vind ik het raar dat zo weinig mensen nog weten hoe ze hebben leren fietsen, dat is toch belangrijk.”

“Vanaf welke leeftijd weten mensen eigenlijk nog wel wat ze deden?”

“Mm, goede vraag, daar weet ik het antwoord niet op.”

“Mag ik het opzoeken?”

“We gaan zo naar de gym, dus nu is niet handig. Misschien kun je snel nog een briefje schrijven zodat je de vraag kunt parkeren bij de onderzoeksvragen.”

“Oké.”

Reken maar dat deze kinderen tijd gaan krijgen om op onderzoek te gaan. Daarbij kan ik aandacht besteden aan het goed formuleren van de onderzoeksvragen, aan onderzoekvaardigheden, mediawijsheid, samenwerking, zelfstandigheid en vast nog een hoop meer (om alle 21st century skills maar niet te noemen).

En rondom welke onderwerpen ze deze vaardigheden oefenen kan mij werkelijk weinig schelen.

Lees meer:

Ja, handig!

Ontvang elke week een inspirerend lesidee in de nieuwsbrief