Selecteer een pagina

Dit is deel 1 uit een serie van 7 over Onderzoekend Leren

De school wordt te klein. Zo klein zelfs dat het gebouw twee keer zo groot moet gaan worden. Het schooljaar vol bouwoverlast is net begonnen. Klagen hierover kan natuurlijk altijd, ga ik ook zeker doen. De uitdaging is om deze verstoring positief te bekijken. Gelukkig werk ik met kinderen.

Het minst dat ik kan regelen is een rondleiding op de bouw, maar veel is er bij de start nog niet te zien. De funderingen worden nu gemaakt. Ik besluit eerst maar eens met de kinderen op het dakterras te gaan kijken om daarna de cyclus van onderzoekend leren te doorlopen (het schijnt dat het dakterras verboden terrein is voor kinderen, maar niemand heeft mij dit ooit officieel verteld. Ik weet dus van niks!).

“Waarom bouwen ze eigenlijk eerst in de grond?”

“Zouden ze ook oude botten tegenkomen?”

“Daar zitten meer palen dan aan de andere kant. Waarom is dat?”

“Ze dragen allemaal een helm, dat is toch niet nodig als ze onder de grond bouwen!”

“Er zitten ook kabels in het beton, hebben ze nu al stroom aangelegd?”

“Hoe snel is het beton droog?”

Goed, ik weet dus werkelijk niks van dit alles. Behalve dat het overlast betekent. Daar weet ik dan wel wat van, ik woon in ‘bouwput’ Leidsche Rijn. Wat ook betekent dat ik elke week een andere route naar school moet fietsen.

We lopen weer terug naar binnen. Ik heb helmen, technisch tekeningen en de bouwplanning neergelegd om eens nader te bestuderen. Ik geef de kinderen hier wat tijd voor. De helmen worden doorgegeven en veel Bob de Bouwer imitaties komen voorbij. De tekeningen worden vooral veel rondgedraaid. Ik heb niet echt het idee dat ze de ruimtes van de oudbouw herkennen. De planning is een behoorlijk ingewikkeld schema. Hierbij valt het een groepje op dat er iets over een winterstop in staat. De kinderen denken zelf aan ijsvrij en vakantie.

Weer terug in de kring besluit ik gelijk te noteren waar iedereen aan denkt bij het thema bouw. Ja, dat besluit ik ter plekke. Ik bereid deze fase van onderzoekend leren wel vaker niet voor. In dit geval ben ik wel zelf over het thema begonnen, dat is al heel wat. Zo ontdek ik waar de interesse van de kinderen het meest heen gaat zonder dat ik ga sturen (tenminste: ik denk dat ik niet stuur).

31 onderzoekend leren introductie de bouw wetenschap en techniek

Hier denken ze aan / deze vragen hebben ze:

Funderingen: “Wat gebeurt er zonder funderingen?”

Werkkleding: “Ze hebben speciale werkkleding, waar koop je die?”

Energie: “Hoeveel energie kost het wel niet om de hele school te maken?”

Gereedschap: “Hebben ze allemaal hun eigen gereedschap?”

Bouwmaterialen: “Hoe maak je beton?”

Besluitvorming: “Wie beslist dat hier een school mag komen?”

Architectuur: “Wordt de school mooi?”

Machines: “Wat is het zwaarste dat een hijskraan kan tillen?”

De kinderen gaat uiteindelijk zelf aan de slag met een mindmap. Ik inventariseer en ontdek dat de meeste vragen gingen over vijf deelgebieden: beton, besluitvorming, architectuur, hefbomen/katrollen en energie. Prima, ga ik nu echt wat voorbereiden. De volgende fase van onderzoekend leren is de verkenning.

Dit is deel 1 uit een serie van 7 over Onderzoekend Leren

Deel 1: Nieuwbouw

Deel 2: De Bouw Verkennen

Deel 3: Een Onderzoeksplan

Deel 4: Cement

Deel 5: Je conclusie is onzin, maar ik vind je wel aardig!

Deel 6: Presentatie werpt nieuw licht op eigen onderzoek

Deel 7: Verdiepen en verbreden, 4 mogelijkheden

 

Ja, handig!

Ontvang elke week een inspirerend lesidee in de nieuwsbrief