Selecteer een pagina

Via het binaire systeem cijfers maken hebben de kinderen inmiddels aardig begrepen.
Ze hebben het trucje door. Nu over op programmeren met pijltjes en bekers.

“Stel nu dat we met een robotprogramma bezig zijn. En we moeten een code hebben voor het laten bewegen van zijn arm.”

“Waarom alleen zijn arm juf?”

“ehh, omdat het voor nu handig is één onderdeel te begrijpen.”

“Oh…”

“Jij zou liever een hele robot besturen?”

“JA!”

“Snap ik, ik eigenlijk ook. Lijkt mij super gaaf.”

Dit meen ik, hoe vet zou dat zijn?! Wie weet als volgende les de Sandwich robot doen. Voor nu blijft het bij de arm.

61 bekers robottaal wetenschap en technologie onderwijs

“Kijk eens naar dit bouwwerk van bekers. Dit bouwwerk wil ik door een robot laten bouwen. Misschien wel 100 keer.”

“Waarom dan?”

“Daar heb ik ook over nagedacht en ik stel mij voor dat ik op de kermis sta bij het ballengooien. Wel makkelijk als die robot de bekers steeds weer bouwt, hoef ik het niet te doen.”

“Oh ja, dat snap ik.”

Gelukkig! Er zijn altijd kinderen die het waarom nodig hebben, die het nut ervan moeten zien. Inmiddels probeer ik daar van tevoren over na te denken en anders doe ik dat samen met de kinderen.

“Maar goed, hij moet heel vaak hetzelfde bouwen dus. Nu ga wil ik een code maken met pijltjes zodat de robot ook weet hoe hij dat moet doen.”

Samen met de kinderen gebruik ik de volgende pijltjes om een duidelijke instructie voor de robot te noteren.

61 bekers robottaal wetenschap en technologie onderwijs 3

Ik wil nog een bouwwerk van bekers doornemen met de groep.

“Ik snap het nu wel juf.”

“Ja, ik ook.”

“Mag ik het zelf doen?”

Jeetje, nou, dan gaan ze toch lekker zelf aan de slag!

Ik deel bekers en voorbeeld-bouwwerken uit. In tweetallen gaan de kinderen aan de slag. Ze hebben verschillende bouwwerken.

Ze weten nog niet dat een ander tweetal hun pijltjesinstructie straks gaat controleren door het bouwwerk na te bouwen.

“Nee, we moeten links beginnen anders klopt het niet.”

“Ho, nu ga je te ver met je robotarm.”

“bliep bliep, ieieie, boem.”

“Dat is toch een pijltje naar rechts?”

“Wacht je moet hem eerst omdraaien.”

“Dat lijkt er helemaal niet op!”

Ze zijn lekker bezig met de bekertjes.

Tot

“Ja, ho, dat kan helemaal niet!”

Yes! Kijk verwarring.

Het gaat fout.

Paniek

“Juf, we kunnen helemaal geen half stukje naar opzij met de beker. Hij kan alleen maar helemaal op zij!”

Even voor de lezers: Om één beker bovenop twee andere bekers te zetten, moet je 1,5 vakje opschuiven. Hiervoor het ik de kinderen geen code gegeven.

61 bekers robottaal wetenschap en technologie onderwijs 2

“Ja, dat is inderdaad een probleem.”

“Dus het kan helemaal niet…”

“Dit is waar programmeurs ook tegenaan lopen. Soms wil je iets wat NOG niet kan. En dat moet je oplossen.”

“Hoe dan?”

“Door zelf een nieuwe code te maken. En precies daar gaan jullie nu ook over nadenken. Hoe zou je een half stukje naar links of rechts kunnen noteren?”

Zo werken we mooi aan:

✓ Probleemoplossend vermogen

✓ Creativiteit

✓ ICT geletterdheid

Lees meer:

De vogeltelling is wetenschappelijk onderzoek

Ouders in de klas

Schildpad onder de microscoop

Ja, handig!

Ontvang elke week een inspirerend lesidee in de nieuwsbrief