Selecteer een pagina

De beeldvorming begint al vroeg. Met deze uitspraak kwam de oudste vandaag uit school:

“Onderzoekers weten alles”

Niet wetende dat zijn vader ook onderzoeker is vermoed ik. Maar papa’s weten natuurlijk sowieso alles als je vijf bent, dus misschien maakt het ook niet uit.

 

Ik besluit eens wat raars te zeggen tegen mijn zoon (ja, dat besluit ik wel vaker):

“Of ze weten helemaal niks”

“Waarom zeg je DAT?”

“Als je iets niet weet, is het handig om te gaan onderzoeken toch?”

“Maar Mark zei dat onderzoekers echt alles weten, hij wil later ook onderzoeker worden. Hij is nu al aan het oefenen.”

“Oh, dat is wel handig. Hoe oefen je voor onderzoeker dan?”

“Hij bekijkt alles van heel dichtbij met een vergrootglas. Hij stopt ook dingen in een potje om te bekijken.”

 

Ik weet zo snel niet waar het potje-met-loep-in-de-deksel is, maar wij hebben hem ook. Onderzoekers lopen daar dus dagelijks mee rond en bekijken alles van dichtbij, mijn eigen beeldvorming begint er komisch uit te zien.

“Als je alles goed bekijkt ben je dan onderzoeker? Ik dacht dat ze ook wel eens wat uitprobeerden.”

“Ja, dat klopt. Ze gaan ook dingen uit elkaar halen en dan bekijken.”

“Doet Mark dat ook?”

“Alleen als hij dode beestjes vindt en ook dode planten scheurt hij open.”

 

Best een passieve bezigheid in mijn ogen, dat onderzoeken. Beetje rondwandelen en bekijken wat je tegenkomt.

34 onderzoekers wetenschap en techniek

“Toch denk ik dat onderzoekers ook dingen maken en testen. Dat doe jij toch eigenlijk ook heel vaak?”

Ik word met grote ogen aangekeken. “Doe ik onderzoek?”

“Natuurlijk, volgens mij test jij regelmatig je lego autootjes, je probeert de stevigste dam te bouwen bij de waterpomp en ontdek je regelmatig nieuwe manieren om het naar bed gaan uit te stellen. Of niet dan?”

“Ja, ik doe ook onderzoek!”

“En weet jij alles?”

“… Nee, natuurlijk niet!”

Ja, handig!

Ontvang elke week een inspirerend lesidee in de nieuwsbrief