Selecteer een pagina

Ik wil deze keer een aantal tips delen rondom pedagogische tact. Pedagogisch wat? Pedagogisch tact. Dit wordt omschreven als:

Pedagogisch tact: ‘Het goede doen, op het juiste moment, ook in de ogen van de leerling’ 

Dit vraagt om een goede relatie met de leerlingen. Openheid en sensitiviteit richting de leerling zijn daarin heel belangrijk. Wat houdt de leerling bezig? Heb je daadwerkelijk vertrouwen in zijn groei? En wat heeft hij nodig?

Hieronder 6 tips waarin jouw pedagogische tact beter tot uiting kan komen.

1 Luister en observeer met ECHTE aandacht

Voor een goede relatie met de leerlingen is contact essentieel. Niet alleen via het luisteren tijdens gesprekken kun je dit doen. Er gebeurt onderhuids ook een heleboel. Hoe sta je hiervoor open?

Leef je in

En sta daarbij open voor alles dat er is. Door je in te leven ontdek je eerder wat er speelt. Veroordeel vervolgens NIET, accepteer.

Let op je houding

Wend je met heel je lichaam, je hoofd en je ogen naar degene met wie je contact hebt.

Tussen de regels

Waar gaat het werkelijk om? Wat hoor je tussen de regels door? Er zijn maar weinig mensen die duidelijk hun behoeften uitspreken naar anderen. Luister daarom ook naar wat er niet gezegd wordt. Trek vervolgens niet je eigen conclusies, maar stel vragen om je idee te checken.

Onthoud

Echt luisteren en observeren betekent ook onthouden. Maak het voor jezelf belangrijk om te onthouden wat leerlingen bezighoudt, waar ze mee worstelen en welke informatie ze je daarover al hebben gegeven. Als je het belangrijk vindt, zal je jouw manier de informatie ook daadwerkelijk onthouden.

Niet zenden

Luisteren komt voor zenden. Of anders gezegd: Eerst begrijpen, dan begrepen worden.

Non-verbaal

Gebruik non-verbale communicatie om je luisterhouding kracht bij te zetten. De leerling zal deze signalen opvangen en meer bereid zijn met je te praten en zichzelf te laten zien. Ook ja/nee zeggen of hummen tussendoor stimuleert de leerling om door te praten.

Stel vragen

Stel vragen die voor verdieping zorgen. Stel vragen die er toe doen om bij de kern van de beleving te komen.

2 Uitgestelde aandacht geven

Aandacht geven kan niet altijd direct in het moment. Soms komt een vraag of opmerking niet gelegen, ook je leerlingen kunnen dit begrijpen. Vanuit een goede relatie kun je je je aandacht best uitstellen. Maak een opmerking als: ‘ik zie je vinger en kan zo naar je luisteren.’ Of ‘ik hoor straks graag wat je mij wilt vertellen.’

pedagogisch tact onderzoekend leren wetenschap en technologie onderwijs

3 Ongewenst gedrag neutraal benaderen

Wat aandacht geeft groeit hoor je vaak. Dit kan ook gelden voor ongewenst gedrag. Het is goed hier onderscheid te maken tussen hoe de leerling zich uit, en de oorzaak van dit gedrag. Probeer in eerste instantie neutraal te blijven. Je kunt het ongewenste gedrag (neutraal) benoemen. Bijvoorbeeld: ‘Ik hoor dat je vloekt.’ Of ‘Ik zie dat je zomaar tekent op het blaadje van iemand anders.’ Daarna kun je prima benoemen dat je dit vervelend vindt. Geef daarna aan welk gedrag je wel gewenst vindt. ‘Ik vind het fijn als je duidelijk zegt wat je vervelend vindt, zonder te vloeken.’ Of ‘Ik wil graag dat je het eerst even vraagt voor je begint te tekenen.’ Bekijk of je suggestie aankomt en wordt opgepakt.

4 Negatief gedrag positief draaien

Is een leerling brutaal? Dan heeft het vast meer durf. Benut deze positieve kant! Zo zijn er nog meer te noemen. Leerlingen die passief (lijken te) zijn, kunnen vaak goed observeren. Drukke leerlingen doen klusjes vaak graag en leerlingen die veel praten, kun je laten uitleggen. Zie de kracht achter het gedrag van elke leerling.

5 Plannen mogen veranderen

Had je een plan voor de les, maar loopt het anders? Pas je plan aan. Sluit aan bij de behoefte die er op dat moment is. Zorg dat je (weer) de aandacht van de klas hebt. Vertel ze dat je je plan wijzigt en bied een nieuwe structuur, plan of houvast.

6 Bespreek processen, meta-communiceren

Reflecteer op wat er gebeurt. Dat kan gaan over gedrag dat je waarneemt of gevoelens die spelen. Ook kun je praten over iets dat al gebeurd is. Stel op een open, positieve manier vragen over relaties tussen leerlingen onderling of tussen de leerlingen en jou. Denk aan: ‘Hoe gaan we nu met elkaar om?’ Of ‘Wat gaat er volgens jullie mis?’ Verbreed het gesprek dat ontstaat regelmatig van één leerlingen naar de groep. Peil tussendoor de meningen en probeer met elkaar inzichten te krijgen in de processen. Rond af door te verwoorden wat duidelijk is geworden.

Lees meer:

Ja, handig!

Ontvang elke week een inspirerend lesidee in de nieuwsbrief